La dolce vita

Wij hebben een passie voor goed eten, lekkere wijn en speciaal bier. We zijn verliefd op Italië en gaan er minimaal één keer per jaar naartoe. Kortom, we willen zoveel mogelijk “La dolce vita” leiden.

Zowel Imi als ik gingen van kinds af aan bijna elk jaar op vakantie naar Italië. Daar is onze liefde voor Italië geboren. Mijn vader ging zelfs al met zijn ouders jaarlijks naar het Gardameer. Bij ons betekende dat in een hotel of appartement overnachten en twee weken lang elke avond uit eten. Bij Imi betekende het in een tent slapen en eten uit Nederland bereiden op een skottelbraai.

Mijn opa en oma komen van oorsprong uit Zeeuws-Vlaanderen, waar eten een stuk belangrijker is dan in de rest van Nederland. Als ik vroeger bij mijn opa en oma logeerde of op bezoek was dan werd je volgestopt met eten. Zelfgesneden frieten met zelfgemaakte mayonaise. Als dat nog niet op was dan werd je alweer een tompouce van een goede bakker aangeboden. Als je dat afsloeg dan werd gevraagd of je ziek was. Mijn opa was kruidenier in Rotterdam en dus was altijd alles voorhanden.

Die bourgondische levenswijze heeft mijn vader overgenomen en op mij en mijn broer overgedragen. Ik heb op mijn beurt het belang van kwalitatief goed en vers eten en drinken op Imi overgebracht. We proberen dit nu ook onze kinderen mee te geven. Mijn moeder zei altijd: “alles met mate”. Die combinatie maakt dat wij kunnen genieten van eten en drinken zonder onszelf iets te ontzeggen.

Hoe werkt dat in de praktijk? Als er bijvoorbeeld op het werk getrakteerd wordt, dan neem ik alleen als het iets is dat ik echt lekker vind. Ik ben bijvoorbeeld niet dol op vlaai, maar wel gek op saucijzenbroodjes. Vlaai sla ik dus altijd over en van een saucijzenbroodje geniet ik dubbel. De kinderen proberen we dit ook mee te geven. Die mogen dus best snoep, een zakje chips of appelsap als het maar met mate is. Dat lukt natuurlijk lang niet altijd, soms komen we beneden en dan is er ineens een zak chips op en kijken Luca en Emma ons schuldbewust aan. Aan de andere kant slaat Luca vaak genoeg een aanbod van snoep af als hij daar op dat moment geen zin in heeft.

Terug naar Italië. Na mijn studie Informatica wilde ik niet direct gaan werken. Imi was net klaar met de HAVO en we hadden het plan opgevat om een jaar naar Italië te gaan om de taal te leren. We huurden een appartement in een klein dorp Fara Gera d’Adda tussen Milaan en Bergamo. We huurden het appartement toevallig van een traditioneel Italiaans gezin, waarbij “la mama” gek was van koken. Een voltreffer dus. Vaak kwam het voor dat er werd aangebeld en we zomaar getrakteerd werden op bijvoorbeeld een klaargemaakte haas die geschoten was door een vriend.

In het dorp bleek een taalcursus gegeven te worden voor mensen uit met name het Oostblok die in het dorp waren om bij mensen thuis te zorgen voor de ouderen. Wij konden gratis aanhaken op deze cursus. Daar hebben we Italiaans geleerd op het niveau dat we ons nu goed in het dagelijks leven kunnen redden. Het spreken van de taal heeft al vele deuren geopend tijdens onze vele reizen naar Italië.

Aangezien de taalcursus in de avonduren was, hadden we hele dagen de tijd om te koken. We hadden een grote woonkeuken waarin we eigenlijk de hele dag te vinden waren. Het huis was gemeubileerd en de kookboeken van “la nonna” stonden nog in de boekenkast. We hadden een klein budget en hebben dus leren koken met weinig geld.

Tegenwoordig hebben we door ons gezinsleven, veel sporten en drukke banen minder tijd om te koken. We proberen echter nog steeds elke avond vers eten op tafel te zetten. Wat helaas niet altijd door de kinderen gewaardeerd wordt 🙂

Op dit blog zullen we schrijven over lekker eten, drinken en reizen. We zullen onze favoriete recepten, adresjes om te eten en overnachten delen.

Advertenties